Met lood in mijn schoenen liep ik de Vodafone winkel in. Het voelde alsof ik met mijn tegenstribbelende kat de dierenartspraktijk betrad, waar hongerige honden op mijn kater zaten te wachten. Mijn telefoon is kapot. Ik lever ‘m in, zij sturen ‘m op. Ik krijg geen leentoestel, ik krijg geen garantie dat mijn telefoon over een paar dagen volledig genezen op mij ligt te wachten. Ik krijg alleen een waarschuwing, dat het nog wel eens een duur grapje kan worden.

Mijn scherm werd zwart. Iedere keer wanneer ik mijn verschrikkelijk interessante leven wilde vastleggen, liep de telefoon vast. Elke keer wanneer ik, zoals van een jongvolwassene in de eenentwintigste eeuw verwacht wordt, snel wilde reageren op een appje of een mail, staarde ik in de oneindige diepte van een zwart beeldscherm. Gelukkig kreeg ik niet zo vaak een appje. Het disfunctioneren van mijn telefoon deed mij mijn disfunctionele sociale leven beseffen.

Dus ik raapte mijn moed bijeen en ik ging naar de winkel. Ik liet mijn telefoon achter en toen ik uit de winkel liep, greep ik naar de leegte in mijn broekzak. Van mijn schoonmoeder kon ik een oude telefoon lenen, maar ik zou pas de volgende dag weer bereikbaar zijn. Wilde ik die middag afspreken met een vriendin, dan kon dat niet. Ik paste vanaf die dag op het huis van een vriendin en als ik Buck wilde vragen of hij die avond langskwam, werd ik geconfronteerd met mijn onbereikbaarheid. En zo zat ik die avond alleen op de bank.

En die avond erna ook. En de avond daarna. Het was niet zozeer dat het alleen zijn me dwars begon te zitten, maar ik miste de sociale opbeuringen van Snapchat, Instagram, Twitter en Youtube. Ik miste het therapeutisch shoppen met de H&M-app, waarbij ik voor zevenhonderd euro in mijn mandje gooi om vervolgens, net voor het afrekenen, het scherm weg te klikken. Dit zou ik ook wel kunnen doen op mijn laptop maar laat het nou net zo zijn dat mijn laptop ook stuk is.

Dus nu kijk ik al een week, bij gebrek aan beter, naar de tv. Ik las mijn boekenkast leeg en ik wissel de bank af met een bureautje op school, waar ik gebruik maak van een computer. Op die computer schreef ik deze blog en op die computer las ik het mailtje van Vodafone, dat de reparatiekosten van mijn telefoon driehonderdvijfendertig euro en zesenzeventig cent bedragen. Gelukkig mag ik in februari alweer een nieuwe telefoon uitzoeken, en ben ik slechts nog vier maanden onbereikbaar.