wypkje

bloggen op laag niveau

Ik lijk steeds meer op jou

Misschien is het toeval dat ik Stef Bos ‘papa’ hoorde zingen in een fragment van De Wereld Draait Door toen ik gister de tv aanzette. Misschien is het toeval dat ik precies deze week door hopen papierwerk aan het graven ben ik het oude kantoor van mijn vader. Misschien is het ook wel toeval dat we met zijn vrienden en collega’s om de tafel gingen om de toekomst van zijn werk te bespreken – maar ik denk het niet.

Bijgeloof, daar doe ik niet aan, maar de sterke aanwezigheid van mijn vader speelde deze week duidelijk een rol. Vandaag zou hij 67 zijn geworden. Een nietszeggende leeftijd, naar mijn idee. Als baas over eigen boek(houding) had deze leeftijd niets met pensioen te maken, en voor de rest zou het alleen maar een jaar dichter bij de zeventig zijn geweest. Maar dichter bij de zeventig dan 64 is hij nooit gekomen.

Ik ben niet de enige die vaak aan hem denkt. Mensen praten graag over mijn vader. Ze vertellen me dat ze hem missen, en alle avonturen die ze met hem hebben beleefd. Een geweldige man, dat was het ongetwijfeld, maar voor mij was het gewoon mijn bazige vader en ik mis niet zijn gevoel voor taal of zijn humor, ik mis de ruzie die we hadden om de afwas, en hoe hij zeurend volhield dat ik me niet warm genoeg aankleedde.

Er zijn zoveel dingen die ik mis, maar ik mis vooral de toekomst. Ik praat graag en vaak over mijn ouders, en ik luister altijd graag naar andermans verhalen, maar als ik denk over het gemiste grootouderschap, houd ik vaak mijn mond. De gedachte dat mijn moeder en mijn vader nooit mijn kind vast kunnen houden doet me zo veel pijn, dat ik al zit te janken terwijl ik dit schrijf.

Hij zou een oude opa zijn geworden, in de letterlijke vorm van die zin. Hoewel ik hem nooit als een oude man heb gezien, is 67 oud, en ik begin voorlopig toch nog niet aan kinderen. Maar hij zou een geweldige opa zijn geweest. Ook al was hij voor mij niet de leukste vader, alles in mij weet dat hij de allerleukste opa zou zijn geweest. Hij zou van zijn kleinkinderen houden, ze stiekem snoepjes en centen toestoppen en verstoppertje met ze spelen terwijl hij ze toch nooit vond.

Ooit krijg ik een kind, en ik weet dat het gemis dan sterker zal zijn dan ooit. Jij mist zijn eerste lach, jij mist zijn eerste woord en jij mist mij wanneer ik voor het eerst ruzie met hem heb over de afwas. En ik mis jou. Ik ben dan ouder, ik heb een nieuw gezin en een nieuw thuis, zonder jouw kantoor. Dan zet ik Stef Bos’ ‘papa’ op en dan zing ik dat ik steeds meer op je lijk. Ik heb niet jouw neus en niet jouw oren maar, Tsjêbbe, we lijken zo ontzettend op elkaar.

« »

© 2019 wypkje. Thema door Anders Norén.